J.A. Hustin

De Oostenrijkse Successieoorlog

Dit conflict, dat van 1740 tot 1748 aansleept, breekt uit na de dood van de Oostenrijkse keizer Karel VI. Zijn dochter Maria Theresia erft de Habsburgse gebieden, maar dit wordt betwist door enkele Europese mogendheden. Het Pruisen van Frederik II (1712-1786) verovert Silezië in het zuiden van het huidige Polen. De oorlog breidt zich uit tot een pan-Europees conflict. Frankrijk, Spanje en Beieren verenigen zich tegen Oostenrijk, terwijl Maria Theresia de steun krijgt van Groot-Brittannië en de Republiek der Verenigde Nederlanden.

Het Franse leger van Lodewijk XV onder leiding van maarschalk Maurits van Saksen (1696-1750) verovert de Habsburgse Nederlanden. Gent (1745), Brussel (1745) en Leuven (1746) worden bezette steden. Dankzij de tussenkomst van arts en rector Hendrik Rega wordt een vernietigend beleg van Leuven vermeden: eerder had hij de Franse maarschalk succesvol behandeld voor ‘een ongemak’, wellicht een geslachtsziekte. De Vrede van Aken maakt in 1748 een einde aan de Franse bezetting. Maria Theresia wordt erkend als erfgename van de Habsburgse monarchie, al moet zij Silezië afstaan aan Pruisen. Karel van Lotharingen, zwager van Maria Theresia, wordt landvoogd.

Intermezzo

Keizerin Maria Theresia van Oostenrijk

Keizerin Maria Theresia

Intermezzo

Landvoogd Karel Alexander van Lotharingen

Karel van Lotharingen bijgesneden